Bernhard Schlink
Boeken
BIBLIOGRAFIE

Boeken
VERSCHENEN BIJ COSSEE
De voorlezer

De voorlezer

Bernhard Schlink

ISBN: 9789059365278
Bindwijze: Gebonden
Datum: 01-10-2014
Omvang: 192
Prijs: €7.50,-
ISBN e-book: 9789059365216
Prijs e-book: €9.99,-

Michael Berg, een jonge Duitse scholier, raakt geobsedeerd door Hanna, een tramconductrice die tweemaal zo oud is als hij. Ze geven zich hartstochtelijk aan de liefde over en daarna leest hij haar telkens voor, het ene boek na het andere, de hele wereldliteratuur. Maar van de ene dag op de andere is zij verdwenen waarna ze in zijn herinnering blijft rondspoken, tot hij haar terugziet op een plaats waar hij haar nooit had verwacht.

De voorlezer heeft wereldwijd miljoenen lezers gevonden en is inmiddels een moderne klassieker geworden.

Hanna draaide zich om en keek me aan. Haar blik vond me meteen, en zo merkte ik dat ze al die tijd had geweten dat ik er was. Ze keek me simpelweg aan. Haar gezicht vroeg om niets, smeekte om niets, verzekerde of beloofde niets. Het bood zich aan. Toen ik onder haar blik rood werd, keerde ze zich van mij af en wendde zich weer tot de rechtbank.

Ook verkrijgbaar als eboek



Fragment


Toen ik vijftien was, kreeg ik geelzucht. De ziekte begon in de herfst en eindigde in het voorjaar. Hoe kouder en donkerder het oude jaar werd, hoe ellendiger ik me voelde. Pas met het nieuwe jaar ging het de goede kant op. Januari was warm en mijn moeder maakte een bed voor me op het balkon. Ik zag de hemel, de zon, de wolken en hoorde de kinderen spelen op de binnenplaats. Vroeg op een avond in februari hoorde ik een merel zingen.

Mijn eerste wandeling bracht me van de Blumenstrasse, waar we op de tweede verdieping woonden van een kast van een huis dat rond de eeuwwisseling was gebouwd, naar de Bahnhofstrasse. Daar had ik op een maandag in oktober op weg van school naar huis staan overgeven. Al dagenlang had ik me ellendig gevoeld, ellendiger dan ooit in mijn leven. Elke stap kostte me inspanning. Als ik thuis of op school een trap op liep, konden mijn benen me nauwelijks dragen. Ik had ook geen zin in eten. Zelfs als ik hongerig aan tafel ging, voelde ik algauw weerzin opkomen.

's Ochtends werd ik wakker met een droge mond en met het gevoel alsof mijn organen zwaar en verkeerd in mijn lijf lagen. Ik schaamde me dat ik er zo ellendig aan toe was. Ik schaamde me vooral toen ik stond over te geven. Ook dat was me mijn hele leven nog nooit overkomen. Mijn mond liep vol, ik probeerde het weg te slikken, perste mijn lippen op elkaar, hand voor mijn mond, maar het golfde mijn mond uit en tussen mijn vingers door. Toen zocht ik steun tegen de huismuur, keek naar het braaksel aan mijn voeten en kokhalsde alleen nog maar slijm.

De vrouw die zich over mij ontfermde deed dat bijna ruw. Ze pakte mijn arm en leidde me door de donkere gang naar de binnenplaats. Boven waren van raam tot raam drooglijnen gespannen en hing was. Op de binnenplaats lag hout opgeslagen; in een werkplaats waarvan de deur openstond, snerpte een zaag en vlogen de spaanders in het rond. Naast de deur naar de binnenplaats was een kraan. De vrouw draaide de kraan open, waste eerst mijn hand en smeet toen het water dat ze met haar holle handen opving in mijn gezicht. Ik droogde mijn gezicht af met mijn zakdoek.

'Neem jij de andere!' Naast de kraan stonden twee emmers, ze pakte er een en liet hem vollopen. Ik pakte de andere emmer, vulde die en volgde haar door de gang. Ze haalde wijd uit, het water kletste op het trottoir en spoelde het braaksel in de goot. Ze nam de emmer uit mijn hand en liet nog een plens water over het trottoir lopen.

Ze richtte zich op en zag dat ik huilde. 'Jochie,' zei ze verbaasd, 'jochie.' Ze sloeg haar armen om me heen. Ik was nauwelijks groter dan zij, voelde haar borsten tegen mijn borst, rook in de benauwenis van de omarming mijn slechte adem en haar verse zweet en wist niet wat ik met mijn armen moest doen. Ik hield op met huilen.

Ze vroeg me waar ik woonde, zette de emmers in de gang en bracht me naar huis. Ze liep naast me, in haar ene hand mijn schooltas en in haar andere mijn arm. Het is niet ver van de Bahnhofstrasse naar de Blumenstrasse. Ze liep snel en met een vastberadenheid die het me gemakkelijk maakte om haar bij te houden. Voor ons huis nam ze afscheid.

Dezelfde dag liet mijn moeder de dokter komen, die geelzucht constateerde. Ik moet mijn moeder over die vrouw hebben verteld. Ik geloof niet dat ik haar anders zou hebben bezocht. Maar voor mijn moeder was het vanzelfsprekend dat ik, zodra ik kon, van mijn zakgeld een bos bloemen zou kopen en haar zou gaan opzoeken om haar te bedanken. Zo ging ik eind februari naar de Bahnhofstrasse.


Download het fragment als PDF

Quotes


'Ik heb nog nooit een boek gelezen dat zo'n inzicht geeft in hoe het is om een Duitser te zijn, jong genoeg om met die hele ellende niets te maken te hebben gehad, en tot de ontdekking te komen dat je er een diepe binding mee hebt waar geen macht ter wereld je uit kan verlossen.' - Rudy Kousbroek in NRC Handelsblad

'Hoe langzamer en zorgvuldiger je het prachtige verhaal volgt, hoe gecompliceerder en ambivalenter het wordt, en hoe moeilijker samen te vatten.' - The New York Review of Books

'De heldere, uitgebeende stijl die Schlink ontwikkelde in zijn misdaadromans kwam terug in De voorlezer; daarnaast verloochende hij zijn liefde voor de goed uitgewerkte intrige niet.' - Pieter Steinz in NRC Handelsblad

‘Een boek is voor mij het ongeleefde leven. Als je een mooi boek leest, ben je even die ander. De voorlezer van Bernhard Schlink is zo’n mooi boek. Het gaat over het taboe van het niet kunnen lezen en schrijven. Ik ervaar het als een troost dat je via een boek niet alleen de ander begrijpt, maar die ander ook wórdt, en zo meerdere levens kunt leiden.’ – Merel Heimens Visser, directeur van de Stichting Lezen & Schrijven in Trouw